Oudheidkundige Vereniging “HERDEREWICH”

Laatste Nieuws. Activiteiten. Vereniging/Vischpoort. Harderwijk. Hierden. Verhalen over .... 2e Wereldoorlog. Onze sponsoren. Bibliotheek en Shop. Vittepraetje. Archief. Lidmaatschap. Links. Contact.


Drinkgerei en oesters in de herberg

Archeologische monumentenzorg in Harderwijk

Stadsmuur vertelt verhaal van Harderwijks historie

Vijhestraat geeft lange historie prijs

De vlag en oudste zegel van de stad Harderwijk


_________________________________________________________________________________

• DRINKGEREI EN OESTERS IN DE HERBERG

Een eeuwenoude spieker behoort tot de opmerkelijkste vondsten van het zojuist afgesloten archeologische onderzoek aan de Harderwijkse Academiestraat. Het gebouwtje van twee meter vijftig bij vier meter vijftig, dat rond 1400 is opgetrokken, bestaat uit grote bakstenen en werd gebruikt als opslagbak voor granen. Volgens Kasper van den Berghe van Adviesbureau Raap moet de spieker eigendom geweest zijn van een vermogend persoon. Het graan was bestemd voor een brouwerij. In beerputten zijn veel glazen flessen en allerlei drinkgerei gevonden evenals resten van oesters en eieren. Het vermoeden bestaat dan ook dat aan de Academiestraat een herberg stond. De medewerkers van Raap zijn zes weken aan de slag geweest op het terrein waar nu een bewaakte fietsenstalling gebouwd gaat worden met daarboven drie appartementen.


De materialen die opgegraven zijn gaan terug tot het jaar 1350. In deze tijd vond de eerste stadsuitbreiding van Harderwijk plaats en aangetroffen perceelscheidingen in de vorm van greppels en ook paalkuilen getuigen van deze periode. Een stenen muur dateert uit de veertiende, of vijftiende eeuw. Alle perceelscheidingen zijn haaks op de Donkerstraat gericht en daardoor klopt het verhaal dat de straat op deze locatie vroeger anders liep hoogstwaarschijnlijk niet. Op het terrein zijn verder diverse ovens en stokerijen aangetroffen en de oudste stamt uit de zeventiende eeuw. Bijna alle historische vondsten zijn gedaan op het achterste gedeelte, want aan de straatzijde lagen tot in de negentiende eeuw tuinen. Projectleider Martin Schabbink van Raap heeft het voornemen om een boek te publiceren over de resultaten van de diverse opgravingen in Harderwijk. Eerder vond ook al archeologisch onderzoek plaats aan de Boulevard, Bruggestraat, Couperuslaan en Vijhestraat. "In samenwerking met het Stadsmuseum en de Oudheidkundige Vereniging Herderewich zou deze uitgave tot stand kunnen komen. Zeker nu aan de Academiestraat hebben we veel belangstelling gehad en het publiek heeft er recht op om inzage te krijgen in onze vondsten en bevindingen."

_________________________________________________________________________________

• ARCHEOLOGISCHE MONUMENTENZORG

De wet op de Archeologische monumentenzorg beschermt ons archeologisch erfgoed in de bodem. Op locaties met een (middel)hoge archeologische verwachtingswaarde, zoals uiteraard de Binnenstad, is archeologisch onderzoek tegenwoordig verplicht. Harderwijk beschikt over archeologische verwachtingskaarten. Hierop is te zien op welke plekken een bouwplan moet worden voorafgegaan door archeologisch onderzoek. Daarbij geldt: diegene die wil verstoren (bouwen) betaalt. Archeologisch onderzoek is specialistenwerk en kost vaak vele weken en tienduizenden euro’s. Archeologische vondsten moeten zo mogelijk onaangetast in de grond bewaard blijven, of anders op verantwoorde wijze worden opgegraven. Maar natuurlijk lang niet altijd wordt er iets gevonden. Soms heeft een gebied een lage archeologische verwachtingswaarde en mag er zonder meer verstoring plaatsvinden. Ook bij gebieden met een (middel)hoge archeologische verwachtingswaarde kan het vaak blijven bij een bureauonderzoek en/of een verkennend onderzoek. Als hieruit blijkt dat archeologische vondsten onwaarschijnlijk zijn kan het kansarme terreindeel worden vrijgegeven. Dat geldt ook voor locaties die al eerder verstoord zijn en in het recente verleden al zijn uitgegraven. Informatie bij de Gemeente Harderwijk afdeling Ruimte en Economie, T: (0341) 411 242.

_________________________________________________________________________________

• STADSMUUR VERTELT VERHAAL VAN HARDERWIJKS HISTORIE

"We kunnen de stadsmuur zo strak metselen dat Harderwijkers straks zeggen: Wat hebben jullie dàt mooi en strak gedaan!" zegt uitvoerder Arend van der Weerd. Maar dat is niet de opdracht die restauratie-specialist Hulshof Bouw heeft gekregen van het Harderwijker gemeentebestuur.


De opdracht is de circa tweehonderd meter lange, deels verbrokkelde en beschadigde strook tussen het Blokhuis en hotel Monopole in een 'zo authentiek mogelijke' staat terug te brengen. Of zoals Van der Weerd het zegt: "We mogen de sporen uit het verleden niet uitwissen." Steen na steen, voeg na voeg wordt aan een inspectie onderworpen. Het gaat om duizenden stenen. En voor elke beschadigde steen geldt dat het exemplaar dat terug wordt geplaatst, dezelfde kleur en ongeveer de dezelfde leeftijd moet hebben. "Die koop je dus niet in een bouwmaterialen-zaak", licht Van der Weerd toe bij een aantal pallets dat woensdag is aangeleverd.


Daarop liggen zorgvuldig geselecteerde stenen en zogeheten kloostermoppen. die qua kleuren passen bij de Harderwijker muur. Het gaat niet om nieuwe bijgebakken stenen. Nee, het zijn eeuwenoud exemplaren, afkomstig van kerken, kloosters en andere monumentale gebouwen. En ze zijn gaaf. "Kijk, hier zie je op een oppervlakte van ongeveer vijftien vierkante meter stadsmuur wel vijf verschillende steensoorten zijn gebruikt", zegt Van der Weerd, terwijl hij in de waterkou langs het Wellenpad naar het Blokhuis loopt. Dat betekent dat de uit de dertiende eeuw stammende stadsmuur door de eeuwen heen steeds pragmatisch is hersteld. "Met stenen of stukken natuursteen die toen toevallig over waren." Men metselde niet vanuit een besef dat de stadsmuur een monumentaal goed is dat voor generaties bewaard moest blijven." Eigenlijk rommelden ze vroeger maar wat aan. Of hadden ze te maken met schaarste die wij niet meer kennen.


Hoe dan ook, dat historische besef is er nu wel. Want de muur vertelt het verhaal van Harderwijk. Hoe de die aanvankelijk is gebouwd ter bescherming van de stad. "Daarom mogen we de contouren van oude schietgaten niet weghalen." De muur is niet altijd vijf meter hoog geweest. Aanvankelijk was hij maar drie meter hoog met trapgevelachtige kantelen net zoals in kastelen om pijlen en speren af te vuren op ongenode gasten. Later is hij tot vijf meter hoogte opgetrokken. De dikte van de muur is maar liefst anderhalve meter. Maar wie vandaag de dag een kanonskogel afvuurt vanaf het Wolderwijd heeft grote kans dat hij of zij er dwars door heen schiet. Veel stenen zijn afgebrokkeld, door begroeiing en klimop-struiken bijvoorbeeld die in achtertuinen zijn aangebracht. Op sommige plaatsen schieten wortels er zelfs dwars door heen. "En hier zien we dat het verkeerde cement is gebruikt", zegt Van der Weerd, terwijl hij met zijn autosleutel tegen een voeg tikt. "Het is zo hard, dat het afbrokkelt." Waarschijnlijk moet dat gedeelte worden vervangen door zachter voegsel met kalk. "Als het cement te hard is in verhouding tot de steen, gaat de steen op den duur eerder kapot."


Bij het blokhuis verwijdert Erik Aaltink met behulp van een compressor, een luchthamer en een soort beitel waarvan de kop uit diamant bestaat, zorgvuldig oude lagen cement. Met zijn twee collega's Rudy Aaltink, tevens zijn broer, en Arjan Overmars, voeren ze de eerste fase van de in vijf delen gesplitste klus uit. Het is een paar graden boven nul, uiterst guur en nat. Toch hebben ze het idee met iets heel bijzonders bezig te zijn. "Het is ook niet zomaar een klus. Het is werk waar generaties na ons nog veel aan zullen hebben." ________________________________________________________________________________

• VIJHESTRAAT GEEFT LANGE HISTORIE PRIJS

Na aanvankelijk gemopper verloopt het archeologisch onderzoek aan de Vijhestraat in Harderwijk uiteindelijk toch naar volle tevredenheid. De opgravingen op dit perceel geven een beeld dat teruggaat tot aan de tiende eeuw.

De medewerkers van adviesbureau Raap kregen eerst slechts twee weken de tijd om in hoofdzaak alleen de bovenste laag af te graven. Vanwege het belang van de vondsten is deze periode verdubbeld en is een flink gedeelte van het terrein tot meer dan twee meter diep onderzocht. Dit heeft een scala aan vondsten opgeleverd. Aan de hand van oude kaarten bestond het vermoeden dat deze locatie tot aan de zeventiende eeuw een lege plek vormde. Nu is aan het licht gekomen dat akkerbouw, bewoning én bedrijvigheid elkaar al vanaf de tiende eeuw afwisselden. Uit deze vroege tijd dateren paalkuilen die onderdeel uitmaakten van bebouwing en scherven van kruikamforen en kannen van het Pingsdorf-aardewerk uit het Duitse Rijnland.
Deze vloer stamt uit de vijftiende eeuwBoven deze onderste bodemlaag is een akkerpakket aangetroffen uit de periode 1200 tot 1225. De archeologen van Raap hebben twee jaar terug een zelfde laag gevonden tijdens onderzoek aan de belendende Bruggestraat. De daar blootgelegde grachten keren ook terug aan de Vijhestraat. Aan de straatzijde functioneerde zo'n dertiende-eeuwse gracht destijds als perceelscheiding tussen een karrenpad en de akker. Voor een gevonden waterput in de vorm van een uitgeholde boomstam geldt dezelfde tijdsdatering. Uit de veertiende eeuw is een losstaande muur opgegraven die waarschijnlijk binnen een houten structuur stond. Projectleider Martin Schabbink spreekt het vermoeden uit dat het gaat om een brandmuur. "Het kan de basis zijn geweest van een gemetselde schoorsteen en het wijst zeker op het uitoefenen van een ambacht. In Zeeland is zo'n muur aangetroffen waarvan vast staat dat daar zout gewonnen werd door middel van turfverbranding."

________________________________________________________________________________

• DE VLAG VAN HARDERWIJK EN DE OUDSTE ZEGEL

Sinds 30 juni 1966 beschikt Harderwijk officieel over een gemeentevlag. De vlag bestaat uit zes even hoge liggende banen in de kleuren Hanze-geel en Nassau-blauw. De middelste blauwe en gele baan grijpen in de vorm van kantelen in elkaar. De kantelen verzinnebeelden de vestingstad Harderwijk. Voor zes banen is gekozen ter symbolisering van het aantal studierichtingen aan de Hogeschool, die de stad van 1648 tot 1811 bezat.


Harderwijk verkreeg op 11 juni 1231 stadsrechten van Graaf Otto II van Gelre. Of er direct een zegel en wapen is ontworpen is niet bekend. Het oudste zegel van de stad is bekend van een afdruk uit 1263. Dit zegel vertoont een kogge, naast de mast voorzien van een ster en een vijf-bladerige Gelderse roos.. Dit zegel bleef tot 1386 in gebruik. Als tegenzegel verschijnt in 1272 een leeuw op een schild met blokken. Het rondschrift vermeld dat het hierbij gaat om het schild van de graven van Gelre. Eenzelfde afbeelding verschijnt in 1410 op het kleinzegel van de stad. Het gaat hierbij nu dus duidelijk om het stadswapen, niet meer het inmiddels hertogelijke wapen. Ook de latere stadszegels vertonen het wapen. Een vermelding van het bestaan van een stadswapen dateert echter pas vanuit 1566. De kleuren zijn bekend uit de Steden atlas van Blaeu uit 1648, die het wapen afbeeldt van azuur met een leeuw van goud en 14 turven.


In de loop der tijden is het wapen op diverse manieren afgebeeld, regelmatig staat de leeuw gespiegeld, het aantal blokjes varieert sterk, evenals de positie (horizontaal of verticaal). De schildhouders verschijnen in de 17e eeuw op een stadszegel. De leeuwen worden zowel klimmend als aanziend afgebeeld. Ook de kroon varieert, maar meestal wordt wel een vijfbladerige kroon gebruikt. De gemeente vroeg in 1815 en in 1818 (er was geen bericht gekomen op de eerste aanvraag) het wapen aan, als zijnde de Nassause leeuw. Het lint met de tekst Civitatis Hardervicenae Insigne werd wel aangevraagd, doch niet toegekend. Ook had de gemeente 14 blokken aangevraagd, de Hoge Raad van Adel beschreef het wapen echter als bezaaid met blokken, waarbij het aantal en plaats er niet toe doen. Ook werden de drie leeuwen volledig van goud uitgevoerd, in plaats van getongd en genageld van keel, zoals de gemeente wilde.


De gemeente voerde het wapen op briefpapier en andere bescheiden. Opvallend is hierbij het gebruik van de spreuk, dat niet officieel is bevestigd. Tussen 1920 en 1979 voerde de gemeente de leeuwen ook getongd en genageld van keel. Aan deze praktijk werd een einde gemaakt. Tegenwoordig voert de Gemeente Harderwijk op correspondentie maar ook op voertuigen e.d. een gestileerde variant van het oude gemeentewapen als logo.




Ons bezoekadres is
“De Vischpoort”
Schapenhoek 9
3841 BE  Harderwijk

Het postadres is
Oudheidkundige Vereniging
Herderewich
Postbus 210
3840 AE  Harderwijk

KvK:
40094224

IBAN:
NL93 INGB 0003 0361 92